IIGS Logo IIGS Nieuwsbrief - Augustus 1998
English ~ Dansk ~ Deutsch ~ Español ~ Suomi ~ Français ~ Nederlands ~ Norsk ~ polski ~ Português ~ Svenska

China en de Boxer Opstand
door Jenny French

Om hun landerijen te verdedigen smolten de vroegste kolonisten van China hun kleine gezinnen samen om grotere groepen te vormen. Naar gelang de tijd verstreek werden enkele gezinsleden van het ene dorp machtiger dan anderen en regeerden zij niet alleen over hun eigen familiegroep, maar ook over een paar naburige families.

Toen de Qui/Ch'in dynastie in 221 voor Christus aan de macht kwam, werd Qin Shi Huanghi de eerste keizer en hij regeerde over een staat, die weliswaar veroverd was, maar ook verenigd en gecentraliseerd. Hij schafte het feodale systeem af, dat tijdens de Shang & Zhou periode gevestigd was, nam de macht weg van de adel en zorgde er voor dat de boeren de belasting direct aan hem betaalden. Omdat hij overal dezelfde wetten van toepassing wilde zien, hanteerde hij zeer brute strafmaatregelen tegen ongehoorzaamheid - onthoofding, het lichaam in twee delen hakken of het helemaal losrukken.

De Qin Shi Huanghi dynastie gaf het land de naam waaronder we het tegenwoordig kennen - China.

Handel was belangrijk, maar nooit was het belangrijker dan landbouw. De oude Chinezen lieten enkele handelslieden toe tot hun land om goederen van hen af te nemen en ze stuurden een paar eigen handelslieden de wereld in. Alhoewel de mensen reisden, veranderden ze niet graag hun leefwijzen om de manier van leven van anderen aan te nemen. Hun onwil tot verandering kan misschien geworteld zijn in hun diepe geloof in Confucius, die voorstander was van het leven in harmonie met de natuur en het hebben van eerbied voor de voorouders.

Mettertijd nam de macht van China af, omdat opeenvolgende keizers er niet in slaagden om China de moderne wereld binnen te geleiden. Europese handelaren kregen meer macht. Tijdens dit tijdperk introduceerde de Oost-Indische Compagnie opium uit India in China via de handel. Duizenden raakten verslaafd aan de drug. In 1839, toen de keizer de handel in drugs wilde stoppen, voerden de Britten oorlog tegen China.

In 1842 voeren de Britten de Chang Jiang Rivier op en dwongen de Chinezen tot overgave onder de voorwaarden van het Verdrag van Nanjing. Brittannië verwierf via dit verdrag ook Hong Kong. China sloot andere verdragen met Frankrijk, Duitsland en de Verenigde Staten - landen die veel geld verdienden ten koste van China.

De handelaren werden op de voet gevolgd door de Christelijke missionarissen. In 1851 gaf Hong Xinguan (bekeerd tot het Christendom) leiding aan een opstand van meer dan een miljoen mensen die een bittere afkeer hadden ten opzichte van de Qing keizers vanwege het feit dat deze toegaven aan de buitenlandse machten. De rebellen stichtten de staat Taiping en de hoofdstad werd Nanjing genoemd. Ze voerden een aantal sociale hervormingen door, maar hun opstand werd uiteindelijk de kop in gedrukt en vele mensen stierven.

Tijdens de gevechten namen Rusland, Frankrijk en Japan steeds meer Chinees grondgebied en bezittingen over. Als gevolg van de dubbele bedreiging voor de keizerlijke autoriteit door zowel rebellen als buitenlandse mogendheden, was een groep mandarijnen voorstander van een hervorming tot het in beperkte mate toelaten van verwestersing. Deze hervorming werd bekend als de Zelf-Versterkende Beweging.

Een nieuwe keizer kwam aan de macht, maar omdat hij te jong was om te regeren, werd keizerin douairière Ci Xi regentes.

Nadat China in 1894 door Japan was verslagen ondertekende China het Verdrag van Shimonoseki. Het verdrag legde de zwakheden van de Chinese regering bloot en vormde een aanmoediging voor de buitenlandse mogendheden om het land binnen te dringen en China nog verder uit te buiten. De inkomsten door invoergelden namen af en een nieuwe vloedgolf van goedkope, in het buitenland vervaardigde produkten zorgde er voor dat de handel in de eigen, met de hand gemaakte produkten, die de basis vormde van de Chinese economie op het platteland, vernietigd werd.

In 1898 bereikten de omstandigheden in China een algeheel dieptepunt en de meesten waren het er over eens, dat verandering van wezenlijk belang was. Hervormers pleitten ervoor om de hernieuwde belangstelling voor de traditie van Confucius aan te vullen met Westerse wetenschap en technologie. De hervormers verdedigden hun eisen tot verandering door een pro-Confucianistische positie in te nemen.

De keizerin douairière Ci Xi, die bijna 60 jaar lang de macht had gemanipuleerd vanachter de troon van de keizer, beraamde een complot tot staatsgreep om de hervormingen te stoppen. Keizer Guang Xu kreeg huisarrest op het Zomerpaleis en wederom werd Ci Xi regentes.

Ondertussen was China zeer dringend aan hervormingen toe maar Ci Xi had haar blik gericht op het verleden. Ci Xi was meedogenloos en stond elke hervorming in de weg. Zes hervormers werden geëxecuteerd, terwijl anderen vluchtten.

De buitenlandse handel breidde zich uit op het platteland en zorgde voor veel ellende voor mensen van alle klassen. De regering ging gebukt onder oneerlijke handelsovereenkomsten tussen China en de acht mogendheden van het verdrag (Oostenrijk, Brittannië Frankrijk, Duitsland, Italië Japan, Rusland en de Verenigde Staten) en zorgde voor nog meer misère door hogere belastingen te heffen.

Het arrogante gedrag van veel buitenlanders zorgde in China voor grote afkeer en haat onder veel Chinese groeperingen. Veel van deze buitenlandse antipathie was gericht tegen de activiteiten van de Christelijke missionarissen op het platteland en deze gebieden werden al snel anti-Christelijk. Andere, meer geschoolde Chinezen vonden dat China vernederd werd door de buitenlanders en zij hadden een afkeer tegen de neerbuigende manier van doen van zelfs de laaggeplaatste Europese ambtenaar.

Boeren uit het noorden vormden een organisatie die onder westerlingen bekend stond als "de Boxers". Ze kregen die naam omdat de oprichters zich, in het Chinees, "De Vuist van Rechtvaardige Harmonie" hadden genoemd.

De Boxer Opstand van 1899-1900 was een keerpunt in de geschiedenis van China. Economische ellende, anti-buitenlandse gevoelens als gevolg van de activiteiten van de Christelijke missionarissen, en een wijdverbreid geloof in bijgeloof onder de niet-geschoolde lagere klassen waren de voedingsbodem voor deze boerenopstand.

De conservatieve Keizerin douairière en andere net zo conservatieve ambtenaren aan het hof, gebruikten de Boxers en moedigden hen aan om de kerken en gebouwen van de gezantschappen van de buitenlanders aan te vallen. Al snel breidde de opstand zich van Shandong uit naar het noorden van China, waaronder Beijing. Om er voor te zorgen dat China een vreedzaam en goed leven zou hebben, moesten de inslechte buitenlanders, die de harmonie met de natuur hadden verstoord, uitgeroeid worden.

De adelijke stand beschuldigde de buitenlanders ervan dat ze de "kostbare adem" van de bergen lieten verdwijnen door mijnbouw. Verder vernietigden ze de "ader van de draak" in het land door spoorwegen aan te leggen. De uitbreiding van het spoor vernietigde het oude systeem van communicatie dat gebaseerd was op het Grote Kanaal en volledige steden werden getroffen door armoede vanwege de geïsoleerde locatie waarin zij terecht kwamen toen de spoorlijn niet langs hun stad kwam.

Slachtoffers van natuurrampen en bijgelovige studenten en ambtenaren gaven buitenlanders de schuld voor hun ongeluk, omdat de buitenlanders de geesten hadden beledigd door te prediken over de Christelijke manieren en het verbod om Confucius, afgoden en voorouders te vereren.

Buitenlandse ambassades werden belegerd; missionarissen en diplomaten werden gedood. Om de veiligheid van de burgers zeker te stellen, stuurden de acht mogendheden van het verdrag in 1900 troepen van alle naties om de opstand de kop in te drukken en om Beijing te bezetten. De troepen plunderden en roofden de grote paleizen en de privé-residenties en lieten ook de grote en kleine steden en dorpen niet ongemoeid.

De pogingen van veel hervormers om veranderingen door te voeren, die zouden bijdragen aan de verjonging van de dynastie en die een einde zouden brengen aan het buitenlandse imperialisme, mislukten en de Chinezen zelf begonnen de buitenlanders meer met angst te bezien dan met afkeer en vijandschap.

Als gevolg van deze aanvallen op buitenlanders kwam China bekend te staan als een onbeschaafd en wetteloos land. Alhoewel het hof van Manchu enkele gebaren maakte voor hervormingen, was de autoriteit van dit hof zo zwak geworden, dat veel Chinezen de revolutie als laatste redmiddel voor China aangrepen.

De keizerin douairière Ci Xi stierf in 1908 en liet een kleine jongen, Puyi, achter om China's volgende en laatste keizer te worden. Het was het begin van het einde. Na duizenden jaren stortte het Chinese Keizerrijk ineen en de Voorlopige Regering van de Chinese Republiek kwam in 1991 aan de macht.


"The Ancient Chinese" - Hazel Mary Martell
"China" - Phillip Steele
"The Chinese Way" - Janet McRae and Peg White
"China 100 years of Revolution" - Harrison E. Salisbury
"Journey into China" - National Geographic Society

http://hoover.nara.gov/kids/louhenry_04.html
http://www.sartori.com/nhc/frames/faqs/faq45-13.html
http://www.history.navy.mil/faqs/stream/faq45-13.htm
http://www.profinet.at/austrianconsult/Boxer_Rebellion.htm
http://www.smithway.org/flashman/BOXERS.HTM
http://www.smplanet.com/imperialism/fists.html
http://www.farmington.k12.mn.us/intrview/ldboxreb.htm


Goudvelden ~ Amerikaanse Revolutie ~ Boxer Opstand
Franse Revolutie ~ Oorlogsheld ~ Reunion Software ~ Humor
Terug naar de inhoudsopgave van de Nieuwsbrief van augustus 1998

Home Pagina ~ Wereld Dorp ~ IRC ~ Bibliotheek ~ Nieuwsbrief ~ Projekten Registratie ~ Universiteit ~ FAQ ~ Lijsteigenaars Team ~ Vertalers Team ~ Webmasters


© 1997-2003 IIGS™
IIGS is een handelsmerk van de International Internet Genealogical Society


Supervisie door het IIGS™ Webmaster Team
Creatie & Onderhoud door het IIGS™ Nieuwsbrief Team

Herzien: Tuesday, 04-Aug-1998 04:24:18 MDT