Toen ik nog een klein meisje was van ongeveer 8 of 10 jaar, nam mijn grootvader, van wie ik dolveel hield, mij mee als hij de oude kerkhoven bezocht, in de steek, waar wij woonden. Hij schreef dan de namen en data op en vertelde mij ondertussen over de personen, die daar begraven lagen. Gewoonlijk betrof het vrienden of familieleden. Nu wou ik dat ik beter geluisterd had naar zijn verhalen, maar toen gaf ik er niet zoveel om. Wat belangrijk was, was dat hij mij deelachtig maakte aan zijn herinneringen en met mij praatte, en wij samen van de warme zomerdagen genoten.
Hij en zijn vriend, de H. Stone, stelden een Familie geschiedenis samen . Er waren vele nota's in potlood op blok papier of in nota schriften, en hij wilde ze graag gedrukt zien. Toen ik dan 12 was gapte ik, wanneer dat maar enigszins mogelijk, was het typ tekst boek van mijn oudere zus en leerde mijzelf typen, zodat ik de nota's van mijn opa in een net formaat kon typen. Het deed hem veel plezier.
Toen ik 14 was stierf mijn grootvader op 91 jarige leeftijd. Hij was zo vol leven en zo onbevreesd voor de dood, dat het moeilijk aan te nemen was dat hij was heen gegaan. Ik bewaarde al zijn nota's. Toen ik volwassen en gehuwd was en kinderen had, ging ik terug naar huis en begon te werken aan mijn opa's familie geschiedenis. Er zijn reeds vele jaren voorbij gegaan sinds ik begon, waar hij gestopt was en telkens wanneer ik een nieuwe vondst doe, denk ik aan hem en wenste dat hij hier was om het genot te delen en denk ik aan die warme stoffige zomerse dagen die wij samen doorbrachten.
Terug naar Begin Pagina